Medicijnen tegen obesitas nu te vaak alleen voor rijken: ‘Elitegeneesmiddel’
Obesitasmedicatie is een elitegeneesmiddel aan het worden. Door ze voor veel meer mensen te vergoeden, kan in elk geval die ‘bijwerking’ verholpen worden, zegt hoogleraar Liesbeth van Rossum. „Het is zuur dat mensen met een kleine portemonnee misgrijpen.’’
Of je medicijnen tegen obesitas kunt krijgen, hangt volgens hoogleraar Liesbeth van Rossum te veel af van je bankrekening. Mensen die zelf kunnen betalen, hebben meer mogelijkheden dan mensen met weinig geld. Zij waarschuwt dat de behandeling daardoor steeds meer iets voor een bevoorrechte groep wordt. Een ruimere vergoeding kan die ongelijkheid verkleinen.
D66-fractievoorzitter Jan Paternotte wil de toegang tot deze medicijnen flink verruimen. Hij vindt Nederland te voorzichtig en wil 1,3 miljard euro uittrekken voor bredere vergoedingen. Nu moeten mensen met ernstig overgewicht aan voorwaarden voldoen, zoals het eerder volgen van een leefstijlprogramma. Volgens Van Rossum staat de discussie daarover niet stil: het Zorginstituut onderzoekt al welke extra middelen vergoed kunnen worden en welke patiënten daarvoor in aanmerking moeten komen. Die organisatie adviseert de minister over de inhoud van het basispakket. Sinds 2022 vallen twee obesitasmedicijnen onder de vergoeding, bedoeld voor mensen met fors overgewicht die eerder via een speciale leefstijlinterventie probeerden af te vallen.
Toch loopt het ook binnen de bestaande mogelijkheden niet soepel. Volgens Van Rossum krijgen nog niet alle patiënten die aan de behandelrichtlijn voldoen daadwerkelijk medicatie. Daardoor worden aandoeningen die samenhangen met obesitas wel aangepakt, terwijl het achterliggende overgewicht blijft bestaan. De bron noemt onder meer diabetes, artrose, depressie en hart- en vaatziekten. Gewichtsverlies kan ook gezondheidswinst opleveren bij ziekten die met obesitas samenhangen. Maar hoeveel een bredere vergoeding precies oplevert, en welke kosten daar tegenover staan, is lastig vast te stellen. Juist daarom vraagt uitbreiding van het basispakket om een zorgvuldige afweging.
Het Zorginstituut bekijkt momenteel of een derde en vierde middel een plek in het basispakket moeten krijgen. Ondertussen komen er meer behandelingen aan. Van Rossum noemt een nieuwe pil en een ander type injectiepen waarvoor in 2027 mogelijk goedkeuring volgt. Daarnaast zijn meer dan honderd middelen in ontwikkeling. Dat betekent niet dat die allemaal beschikbaar komen: per medicijn moet worden beoordeeld of het op de markt kan verschijnen en voor welke patiënten het geschikt is. De vraag wie toegang krijgt, speelt dus niet alleen bij de middelen die er nu al zijn.
Maar alleen meer medicijnen betalen is volgens Van Rossum niet genoeg. De overheid moet ook inzetten op een omgeving waarin gezond eten makkelijker wordt, bijvoorbeeld met een stevige suikerbelasting, gezonde lunches op school of minder btw op groente en fruit. Bovendien neemt medicatie de chronische ziekte niet weg. De middelen zijn bedoeld voor mensen bij wie een leefstijlinterventie onvoldoende helpt; stoppen leidt bij een meerderheid tot terugkeer van een groot deel van het verloren gewicht. De beoordeling van ruimere vergoeding draait daarmee om toegang én betaalbaarheid, terwijl preventie nodig blijft.
Foto's
Reacties
- Nog geen reacties. Wees de eerste.
