Pep Guardiola is ofwel onvoorstelbaar naïef, of hij nam valsspelen op de koop toe
Columnist Sjoerd Mossou kijkt vol verbazing naar de rol van Pep Guardiola in het Manchester City-schandaal, de trainer die onvoorwaardelijk achter zijn Catalaanse en Arabische kompanen blijft staan. „Wie zo blind vertrouwt op foute vrienden, neemt het risico dat zijn erfenis voor altijd wordt bezoedeld.’’
Pep Guardiola krijgt in een column van AD-journalist Sjoerd Mossou stevige kritiek op zijn houding tegenover de leiding van Manchester City. De trainer blijft zijn club en haar bestuurders verdedigen, terwijl Mossou juist vindt dat hij kritische vragen had moeten stellen. Centraal staat de vraag: hoeveel verantwoordelijkheid draagt een toptrainer als de organisatie achter zijn successen wordt beschuldigd van grootschalig financieel bedrog?
Mossou schrijft dat City schuldig is bevonden in een omvangrijke fraudezaak. Volgens zijn column reageerde Guardiola daarop met een steunbetuiging die verder ging dan solidariteit met supporters. Ook de clubleiding en de eigenaar konden op zijn loyaliteit rekenen. Precies daar zit voor de columnist het probleem. Hij beschrijft hoe Guardiola zijn werkgevers ook tijdens de slepende kwestie fel bleef verdedigen. Journalisten die naar de beschuldigingen vroegen, kregen volgens Mossou eerder een afwijzende reactie dan een inhoudelijk antwoord. De trainer koos daarmee publiekelijk de kant van de mensen aan de top.
De columnist zet daar twee mogelijke verklaringen tegenover. Guardiola vertrouwde zijn omgeving zo sterk dat hij de signalen onvoldoende serieus nam, óf hij wist meer en besloot niet in te grijpen. Dat zijn interpretaties van Mossou, geen aangetoonde conclusies over wat de trainer zelf wist. Met 115 beschuldigingen rond de club vindt de columnist onwetendheid echter moeilijk te rijmen met Guardiola’s prominente positie. Hij verwijst daarnaast naar een onafhankelijke Premier League-commissie, die volgens de column concludeerde dat het bedrog diep in de clubtop verankerd zat. Mossou hekelt ook het contrast met Guardiola’s uitgesproken houding over andere politieke en morele onderwerpen.
Daar houdt de vergelijking niet op. Mossou haalt ook de Negreira-zaak bij FC Barcelona aan, de club waar Guardiola eerder trainer was. Barcelona betaalde tussen 2001 en 2018 miljoenen aan het bedrijf van José Negreira, destijds vicevoorzitter van de Spaanse scheidsrechterscommissie. Volgens de column heeft Real Madrid hierover tienduizenden pagina’s documentatie en bewijsmateriaal bij de UEFA ingediend. Mossou wijst bovendien op Ferran Soriano: de huidige City-topman was eerder financieel directeur bij Barcelona. Die verbindingen verklaren waarom hij beide dossiers naast elkaar legt, maar tonen op zichzelf niet aan dat Guardiola bij misstanden betrokken was.
Mossou ontkent Guardiola’s sportieve kwaliteiten niet. Zijn kritiek draait om iets anders: prijzen en trainersvakmanschap nemen vragen over loyaliteit en verantwoordelijkheid niet weg. Daarmee richt de column de aandacht op meer dan City’s financiële handelen. Ook de manier waarop Guardiola zich tot zijn bestuurders verhoudt, staat ter discussie. Niet zijn tactiek, maar zijn publieke steun aan de clubtop vormt hier de inzet.
Foto's
Reacties
- Nog geen reacties. Wees de eerste.
